4.3.19. Talenten en ponden

Twee gelijkenissen

Er staan in de Bijbel twee gelijkenissen, die veel op elkaar lijken, maar ook verschillend zijn:

  1. de gelijkenis van de talenten (Matteüs 25:14-30)
  2. de gelijkenis van de ponden (Lucas 19:11-27)

Het gaat in beide gevallen om een manager, die aan enkele personeelsleden een bedrag toevertrouwt met de opdracht om zaken te doen en zo veel mogelijk winst te maken. Het doel van de opdracht is niet in de eerste plaats om zo veel mogelijk rendement uit die medewerkers te halen, maar om uit te zoeken in hoeverre ze geschikt zijn voor verantwoordelijke posities in de nieuwe vestiging van het bedrijf. In beide gelijkenissen worden twee ijverige medewerkers genoemd en een derde die er met de pet naar gooit. Als de manager terugkomt, krijgen de succesvolle, ijverige medewerkers een forse beloning, terwijl de luie medewerker onzachtzinnig de laan wordt uitgestuurd.

De tijd dat gelovigen op aarde leven is een stageperiode, waarin ze worden opgeleid om verantwoordelijke taken uit te kunnen voeren in de toekomstige fase van Gods Koninkrijk, na Jezus' wederkomst.

"... En zij zullen als koningen heersen tot in eeuwigheid." (Openbaring 22:5, NBV2004)

De toekomstige positie en beloning van gelovigen hangt af van wat ze gedaan hebben met de gaven en mogelijkheden die ze ontvangen hebben. Gelovigen die geen geestelijke vruchten dragen zullen hier geen deel hebben aan het Koninkrijk. We krijgen maar één stageperiode op aarde; laten we die goed gebruiken!

Gelijkenis van de talenten

In de gelijkenis van de talenten (Matteüs 25:14-30) krijgen verschillende medewerkers verschillende hoeveelheden geld (talenten) mee.

"Aan de een gaf hij vijf talenten, aan een ander twee en aan een derde één, overeenkomstig ieders bekwaamheid. En hij vertrok naar het buitenland." (Matteüs 25:15, WV1995)

Hier ligt de nadruk op de gaven of bekwaamheden die wedergeboren gelovigen van God hebben ontvangen. Dat kunnen zowel natuurlijke bekwaamheden (of karaktergaven) zijn als bijzondere geestelijke gaven. Het zijn even zoveel instrumenten om daarmee God en de medemens te dienen en geestelijke vruchten te dragen.

En dan komt de afrekening. De medewerker, die van vijf talenten tien talenten heeft gemaakt, blijkt dezelfde beloning te krijgen als degene die van twee talenten vier talenten heeft gemaakt. Daarbij krijgen ze dezelfde woorden te horen:

"Voortreffelijk, je bent een goede en betrouwbare dienaar. Omdat je betrouwbaar bent gebleken in het beheer van een klein bedrag, zal ik je over veel meer aanstellen. Wees welkom bij het feestmaal van je heer." (Matteüs 25:21, NBV2004)

Aan allebei wordt een verantwoordelijke positie aangeboden en als bonus een uitnodiging voor het feest. Hier worden aspecten van het eeuwige leven mee bedoeld. De medewerkers worden dus niet beloond naar de hoeveelheid winst die ze gemaakt hebben, maar naar het winstpercentage. Dat is ook rechtvaardig, want ze zijn immers met een verschillend beginkapitaal begonnen. Beiden hebben 100% winst gemaakt en dat is een gelijke prestatie.

De moraal van het verhaal is: gelovigen, die hun gaven gebruiken om vrucht te dragen voor de Heer zullen het eeuwige leven ontvangen. Zij zullen NIET beloond worden naar de gaven die ze hebben ontvangen, maar naar de mate waarin ze van hun gaven gebruik hebben gemaakt. We mogen ons dus nooit verschuilen achter het feit dat we minder gaven zouden hebben gekregen dan een ander. Ik heb eens het verhaal gehoord van een oude verlamde vrouw in Rusland die nog maar één vinger kon gebruiken. Gedurende het communistische tijdperk gebruikte ze die ene vinger om liederenbundels en Bijbelgedeelten te typen, die toen niet gedrukt mochten worden. Wat een geweldig gebruik heeft deze gelovige vrouw gemaakt van die ene kleine gave die ze nog had. Wat denk je dat Jezus tegen haar gezegd heeft toen Hij haar in de hemel verwelkomde? Inderdaad, op zijn minst hetzelfde als tegen de mannen in de gelijkenis, die hun twee of vijf talenten hadden verdubbeld.

Maar ook de derde medewerker moet verantwoording afleggen van wat hij gedaan heeft met zijn talent. Hij komt met het volgende verhaal:

"... Heer, ik wist van u dat u streng bent, dat u maait waar u niet hebt gezaaid en oogst waar u niet hebt geplant, en uit angst besloot ik uw talent te begraven; alstublieft, hier hebt u het terug." (Matteüs 25:24-25, NBV2004)

Deze medewerker heeft weinig begrepen van het doel van zijn opdracht. Hij heeft niet door dat de manager hem een mooie kans had geboden om iets goeds te kunnen doen en zijn bekwaamheden te ontwikkelen, maar beschouwt zijn werkgever als iemand die rijk wil worden ten koste van anderen. Daarom had hij zijn talent veilig weggeborgen, zodat hij in ieder geval geen verlies zou lijden. Hij is het symbool van gelovigen zonder toewijding die geen geestelijke vruchten voortbrengen.

Een nulopbrengst van ons levenskapitaal laat zien dat we het niet waard zijn om in het hiernamaals met Christus zelfs maar de geringste verantwoordelijkheid te dragen. Wie zijn kansen op vrucht dragen systematisch heeft laten liggen heeft geen waarde voor Gods Koninkrijk en zal daarin geen plaats hebben. Zo iemand ontvangt zelfs niet het eeuwige leven:

"En die nutteloze dienaar, gooi die eruit, in de uiterste duisternis, waar men jammert en knarsetandt." (Matteüs 25:30, NBV2004)

Dat is een ernstige boodschap en we zijn gewaarschuwd. Wat kunnen we van deze derde persoon uit de gelijkenis leren? Welke factoren speelden een rol bij zijn mislukte leven?

  • Hij minachtte de gaven en mogelijkheden die God hem had gegeven. Die houding komen we ook wel onder gelovigen tegen en dat werkt verlammend.
  • Hij kende God niet echt, want hij noemde Hem een hard, streng persoon, die te hoge eisen stelt aan zijn personeel (Matteüs 25:24).
  • Hij was ook bang (Matteüs 25:24). Waarvoor eigenlijk? Bang om te falen of had hij een slecht geweten? Door een verkeerd beeld van God kan de lust ontbreken om voor Hem te willen leven.
  • Hij was ook lui, want hij deed niet zijn best om er iets van te maken. Als we, ook als gelovigen, alleen maar voor onszelf leven, behalen we hetzelfde nulresultaat als deze man.

Gelijkenis van de ponden

In de gelijkenis van de ponden (Lucas 19:11-27) krijgt iedere medewerker hetzelfde beginkapitaal.

"Hij riep tien van zijn dienaars en gaf hun ieder een zilverstuk ter waarde van een pond. Doe er zaken mee zolang ik weg ben, zei hij." (Lucas 19:13, GNB1996)

Vergeleken met een talent is een pond maar een beperkt bedrag. Dit beginkapitaal zou vergeleken kunnen worden met het nieuwe leven dat elke gelovige ontvangt bij zijn wedergeboorte. Dat heeft in het begin meestal maar een beperkte uitwerking in iemands leven, maar het heeft enorme groeimogelijkheden met geloof als belangrijkste factor. Iedere gelovige krijgt bij zijn wedergeboorte de onbeperkte toegang tot alle hemelse bronnen en iedereen start met gelijke kansen in Gods Koninkrijk (Efeziërs 1:3).

De afrekening laat een opmerkelijk verschil met de andere gelijkenis zien.

"De eerste verscheen en zei: "Uw pond, heer, heeft tien pond opgeleverd." Hij zei tegen hem: "Uitstekend, goede dienaar. Omdat je in het klein betrouwbaar bent geweest, krijg je het gezag over tien steden!" De tweede kwam en zei: "Uw pond, heer, heeft vijf pond opgebracht." Tegen hem zei hij: "En jij wordt de baas over vijf steden."" (Lucas 19:16-19, WV1995)

De succesvolle medewerkers behalen in deze gelijkenis een opvallend hoger winstpercentage dan in de vorige gelijkenis: ze kwamen niet uit op het dubbele bedrag, maar op het tienvoudige en vijfvoudige bedrag. Dit zegt iets over de groeimogelijkheden van het nieuwe leven dat God geeft. Maar ook de wijze van belonen is anders. Hier worden de medewerkers namelijk WEL op hun hoeveelheid winst afgerekend en niet op het winstpercentage en zo ontvangen ze een verschillende beloning. Ook dat is eerlijk. De succesvolle medewerkers mogen als beloning het beginkapitaal plus de winst behouden. En dat terwijl ze daar eigenlijk geen recht op hebben, want het was nooit hun eigen kapitaal geweest. Maar bovenal (en daar gaat het om!) krijgen ze een eerbare positie aangeboden: de verantwoordelijkheid over even veel steden als dat ze er ponden bij hadden verdiend.

Wat we hieruit kunnen leren is dat trouwe toewijding aan God om geestelijke vruchten te dragen resulteert in een passende positie in het hiernamaals en een bijbehorende beloning. Nogmaals: het gaat hier niet om de toegang tot het eeuwige leven, maar om de positie en de beloning in het eeuwige leven. De Bijbel spreekt over het feit dat gelovigen later met Jezus zullen regeren. Daarbij gaat het om verantwoordelijke posities binnen het Koninkrijk. Voor sommige gelovigen zal het misschien letterlijk betekenen dat ze burgemeester zullen worden van een of meer plaatsen. Voor anderen zal er misschien een onderwijzende of een andere dienende taak zijn. Niet dat zoiets overigens minder is dan een taak als burgemeester, maar ik denk dat God ons in het hiernamaals verschillende taken zal geven, die wellicht gerelateerd zijn aan onze persoonlijkheid en aan wat we op aarde hebben gedaan.

De andere kant is ook waar: een nulopbrengst van iemands nieuwe leven heeft ernstige gevolgen. De manager zegt over de derde medewerker die niets met zijn pond had gedaan:

"En tegen zijn helpers zei hij: "Neem hem het pond af en geef het aan hem die de tien ponden heeft." (Lucas 19:24, WV1995)

Zelfs het pond, dat hem was toevertrouwd, wordt hem afgenomen. In geestelijke zin betekent dat hetzelfde als wat we gezien hebben in de andere gelijkenis: de ontrouwe, niet-toegewijde werknemer zal niet het eeuwige leven ontvangen, ondanks dat hij goed begonnen is. Het is een ernstige boodschap, maar de Bijbel zegt het niet anders. Laten we er niet van uitgaan dat het uiteindelijk bij de eindbeoordeling voor lauwe kerkmensen allemaal wel zal meevallen. Een gewaarschuwd mens telt voor twee.

Lees in dit verband vooral ook de gelijkenis van de wijnstok.

 

Herschepping 2.0. Een uitgebreide, samenhangende serie studies over Bijbelse onderwerpen
voor persoonlijke opbouw en gespreksgroepen over Gods herscheppende werk in het leven van de gelovige.
copyright © 2013 - voor het laatst bijgewerkt op 18 maart 2013