Start    Inhoud    Zoekmogelijkheden  

 

 

3.8.8. Samenzwering tegen Jezus

 

- Joodse leiders worden nerveus vanwege Lazarus
- Plan om Jezus te doden
- Hoe Judas een verrader werd
- Deal met Joodse leiders
- Was Judas zelf verantwoordelijk voor zijn daad?

 

 

Joodse leiders worden nerveus vanwege Lazarus

Het opzienbarende wonder van Jezus om Lazarus uit de dood op te wekken had grote gevolgen:

"Veel Joden die naar Maria toe gekomen waren en gezien hadden wat Jezus deed, kwamen tot geloof in hem. Maar enkelen gingen naar de farizeeën om hun te vertellen wat Jezus gedaan had." (Johannes 11:45-46, NBV2004)

Toen de Joodse leiders van ooggetuigen hoorden wat er precies gebeurd was werden ze daar behoorlijk nerveus van. Zo nerveus, dat ze een spoedvergadering van het Sanhedrin organiseerden om de kwestie te bespreken.

 

Plan om Jezus te doden

"Daarop riepen de hogepriesters en de farizeeën het Sanhedrin bijeen: 'Wat moeten we doen? Deze man doet veel wondertekenen, en als we hem zijn gang laten gaan, zal iedereen in hem gaan geloven. Straks grijpen de Romeinen in; dan zullen ze onze tempel en ons volk vernietigen.' " (Johannes 11:47-48, NBV2004)

De hogepriester Kajafas kwam met een oplossing, die klonk alsof die van God zelf afkomstig was:

"Een van hen, Kajafas, die dat jaar hogepriester was, zei tegen de anderen: 'Jullie begrijpen het niet! Besef toch dat het in jullie eigen belang is dat één man sterft voor het hele volk, zodat niet het hele volk verloren gaat.' Dat zei hij niet uit zichzelf: als hogepriester in dat jaar sprak hij de profetie dat Jezus zou sterven voor het volk, en niet alleen voor het volk, maar ook om de verstrooide kinderen van God bijeen te brengen." (Johannes 11:49-52, NBV2004)

Het is merkwaardig dat de hogepriester Kajafas een door God ingegeven profetie over het offer van Jezus uitsprak, terwijl hij Jezus volledig afwees. Ondanks zijn verduisterde hart bekleedde hij wel het door God gegeven ambt als Gods hoogste vertegenwoordiger bij het volk. Zijn profetie was ondanks alles een juiste voorspelling. Maar vanwege zijn afkeer van Jezus kon Kajafas de werkelijke betekenis van die woorden niet bevatten, namelijk dat Jezus voor het volk zou sterven om verzoening met God mogelijk te maken. Kajafas legde die profetie uit als een persoonlijke opdracht van God om de Joodse eredienst zuiver te houden door het volk te bevrijden van Jezus die volgens hem het volk misleidde. Jezus moest dus sterven en ze zouden alleen nog maar een plan moeten bedenken om het zo'n manier te doen dat er geen volksopstand zou komen.

"Vanaf die dag overlegden ze hoe ze hem zouden doden." (Johannes 11:53, NBV2004)

 

Hoe Judas een verrader werd

Judas was ooit goed begonnen als trouwe discipel van Jezus, die steeds met zijn Meester had opgetrokken. Jezus vond hem zelfs zo betrouwbaar en zorgvuldig dat Hij hem had aangesteld als penningmeester van het Jezus-team (Johannes 13:29).

Het bleek later dat Judas de verleiding niet kon weerstaan om uit de kas te stelen om er zelf beter van te worden (Johannes 12:4-6). Het was zelfs een gewoonte van hem geworden. Als je steeds diezelfde zonde blijft koesteren, dan glijd je af tot een gevaarlijke diepte waar je een gemakkelijke prooi van de satan wordt. En dat was de gevaarlijke situatie waarin Judas verkeerde.

Toen Maria Jezus had gezalfd met dure nardusolie en Jezus haar daar ook nog een compliment over maakte, ergerde penningmeester Judas zich blauw aan die zinloze geldverspilling. Hij had zijn rekensommetje al gemaakt: 300 zilverstukken, dat was ongeveer een jaarinkomen in die tijd! Daarom was hij ongetwijfeld de eerste geweest die protesteerde toen Maria zulke dure nardusolie over Jezus had uitgegoten.

"Judas Iskariot, één van zijn leerlingen - degene die hem zou uitleveren - zei: 'Waarom is die balsem niet voor driehonderd zilverstukken verkocht om dat geld aan de armen te geven?' Maar dat zei hij niet omdat hij zoveel om de armen gaf, maar omdat hij een dief was; hij beheerde de kas en nam er geregeld geld uit weg." (Johannes 12:4-6, GNB1996)

De zalving van Jezus was waarschijnlijk het keerpunt voor Judas. Nu wist hij zeker dat hij al die jaren Jezus voor niets was gevolgd. Als Jezus zou sterven, zoals Hij voorzegd had, dan kon hij, Judas, wel fluiten naar zijn mooie positie in het zogenaamde nieuwe koninkrijk. Judas was zwaar teleurgesteld.

Judas wist dat de Joodse leiders van plan waren om Jezus gevangen te nemen en te doden, maar dat het hen nooit was gelukt. Toen ontstond er een gedachte in zijn hart. Wat als hij, Judas, Jezus zou aanbrengen bij de Joodse leiders? Hij zou er vast voor beloond worden en zo zou hij toch nog wat geld kunnen overhouden aan zijn jarenlange verbintenis met Jezus.

"Toen nam Satan bezit van Judas, bijgenaamd Iskariot, één van de twaalf." (Lucas 22:3, NBV2004)

Toch blijkt uit het vervolg van de geschiedenis dat Judas niet wilde dat Jezus zou sterven, ook al moet hij geweten hebben dat hij hoog spel speelde. Mogelijk dacht Judas dat Jezus wel in staat zou zijn om zichzelf te bevrijden nadat Hij werd gearresteerd.

 

Deal met Joodse leiders

De Joodse leiders wisten nog steeds niet hoe ze Jezus konden doden zonder een volksopstand te veroorzaken. Vanwege het naderende Pesachfeest waren er drommen mensen naar Jeruzalem gekomen en ze moesten nu dus extra voorzichtig te werk gaan.

"Het feest van het Ongedesemde brood, dat Pesach genoemd wordt, was bijna aangebroken. De hogepriesters en de schriftgeleerden zochten naar een mogelijkheid om hem uit de weg te ruimen, maar dan heimelijk, bang als ze waren voor de reactie van het volk." (Lucas 22:1-2, NBV2004)

Maar toen gebeurde er iets waar ze erg blij van werden:

"Hij (=Judas) ging naar de hogepriesters en tempelwachters en besprak met hen hoe hij Jezus aan hen zou kunnen uitleveren." (Lucas 22:4, NBV2004)

Judas werd natuurlijk met open armen ontvangen. Hij legde zijn voorstel op tafel en begon meteen over geld te praten:

"Ze waren opgetogen en spraken af dat ze hem voor zijn diensten zouden betalen." (Lucas 22:5, NBV2004)

Dit is het ENIGE Bijbelgedeelte waarin gezegd word dat Joodse leiders blij waren. Op alle andere plaatsen in de Bijbel lezen we over hen dat ze woedend waren op Jezus en jaloers waren op zijn populariteit bij het volk. Dit was hun geluksdag!

"en (Judas) zei: ‘Wat krijg ik van u als ik hem aan u uitlever?’ Ze betaalden hem dertig zilverstukken." (Matteüs 26:15, NBV2004)

Het bedrag dat Judas kreeg was het standaardbedrag voor een gemiddelde slaaf in die dagen. Voor Judas was Jezus niet meer dan de eerste de beste slaaf, de minst aanzienlijke van alle mensen. Toch was het voor Judas best een mooi bedrag. Hij zou er een stuk grond voor kunnen kopen en daar zijn geld mee kunnen verdienen.

"Judas nam hun aanbod aan en zocht een gunstige gelegenheid om Jezus uit te leveren, zonder dat het volk het zou merken." (Lucas 22:6, NBV2004)

Dat was de enige gedachte die hem vanaf dat moment beheerste. En die gunstige gelegenheid zou niet lang op zich laten wachten.

Jezus wist precies wat Judas van plan was, maar Hij verhinderde het niet. Wel zorgde Jezus ervoor dat Judas niet van tevoren wist waar Hij met zijn discipelen voor de laatste keer de pesachmaaltijd zouden vieren. Die bijzondere gebeurtenis mocht Judas niet verknallen.

 

Was Judas zelf verantwoordelijk voor zijn daad?

Deze vraag is door veel mensen gesteld en wordt op verschillende manieren beantwoord. Daarbij spelen ook de volgende oudtestamentische profetieën over het verraad van Judas een rol, die erg letterlijk in vervulling zijn gegaan:

"Zelfs mijn beste vriend, op wie ik vertrouwde, die at van mijn brood, heeft zich tegen mij gekeerd." (Psalm 41:10, NBV2004)

"... Zij betaalden mij het loon uit, dertig zilverstukken. De Heer zei tegen me: 'Dat fraaie bedrag vinden zij mij dus waard.' ..." (Zacharia 11:12-13, GNB1996)

Sommige mensen beweren dat Judas er niets aan kon doen dat hij de verrader van Jezus is geworden. Er was toch iemand nodig om Jezus uit te leveren, om daarmee het plan van God te vervullen en het vooraf bepaalde scenario uit te voeren? Bovendien had Jezus hem als één van zijn twaalf naaste volgelingen uitgekozen, dus één van de twaalf moest deze rol vervullen. Was Judas dus het slachtoffer van een macaber plan, voorbestemd om een soort zondebok te zijn?

Anderen wijzen erop dat Jezus vooraf wist dat Judas Hem zou verraden. Daardoor zou Judas als het ware een gevangene zijn van zijn bestemming als de verrader van Jezus. Maar de voorkennis van Jezus bepaalde niet wat Judas zou doen. God weet van tevoren van alle mensen wie wel en wie niet behouden wordt. Maar ook dat betekent niet dat mensen geen vrije wil hebben om voor of tegen Jezus te kiezen, want die hebben ze wel. Voor ons mensen zijn deze dingen niet te rijmen, maar we hoeven ook niet alles van Gods denkwijze te begrijpen.

Ik geloof dat God een volkomen rechtvaardige God is, die niemand schuldig verklaart die het ook niet is. Wat Judas betreft: hij besloot ooit om uit de kas te stelen en, zoals het bijna altijd gaat bij dieven: het stelen werd een kwalijke gewoonte. Zo gaat het met alle soorten zonden. Als je er geen afstand van neemt, kom je steeds meer in de macht van het kwaad en komt er een moment waarop er geen weg terug is. Iemand die in de macht van de satan is gekomen, heeft meestal zelf de deur daarvoor opengezet.

Zie meer over Judas in de onderwerpen 'Judas ontmaskerd' en 'Levenseinde van Judas' in dit hoofdstuk.

 Volgend onderwerp:  3.8.9. Laatste pesachmaaltijd 

HELPDESK

 

Beschrijving van allerlei bijzonderheden over de Herschepping Bijbelstudies.

- Wat is Herschepping?
- Achtergrond
- Vier aspecten
- Wijzigingen
- Copyright

 

 

 

 

Helpdesk

Zoekmogelijkheden
- Overzicht zoek­mogelijkheden
- Tips voor zoektermen
- Populaire zoektermen
- Inhoudsopgave (kort)
- Inhoudsopgave (lang)
- Trefwoord index
- Bijbeltekst index

 

 

 

Helpdesk

Diversen
- Geloofsvragen
- PDF bestanden
- Vragen voor Bijbelkringen
- Thema's voor Bijbelkringen
- Thema's kerkelijk jaar
- Cursus 'Gods karakter' (nieuw)

Herschepping Bijbelstudies - versie 3.2.