Bijbelstudies Start    Inhoud    Zoekmogelijkheden  

 

 

3.11.7. Achter gesloten deuren

 

Inhoud:
- Verschijning van Jezus
- Lichamelijke opstanding
- Discipelen geroepen tot apostelschap

 

Jezus is tweemaal verschenen aan zijn discipelen terwijl ze ergens is een huis of zaal bij elkaar waren. We moeten daarbij denken aan de elf naaste discipelen van Jezus en waarschijnlijk ook enkele anderen die veel met Jezus hadden opgetrokken. Kennelijk hadden ze elkaar weer opgezocht na het sterven en de begrafenis van Jezus. Mogelijk kwamen ze samen in de bovenzaal, waar ze de laatste pesachmaaltijd hadden gevierd (Marcus 14:15, Lucas 22:12).

De deuren waren zorgvuldig gesloten, uit angst voor vervolging vanwege hun relatie met Jezus, die de Joodse leiders werd beschouwd als de gevaarlijkste bedreiging voor hun godsdienst.

 

Verschijning van Jezus

"Op de avond van die eerste dag van de week waren de leerlingen bij elkaar; ze hadden de deuren afgesloten, omdat ze bang waren voor de Joden ... " (Johannes 20:19, NV2004)

De discipelen hadden een heftige dag gehad. Ze waren erachter gekomen dat het graf van Jezus leeg was. Enkele vrouwen hadden verteld dat ze engelen ontmoet hadden die vertelden dat Jezus was opgestaan. En Maria van Magdala zei dat ze Jezus had gesproken. En ook Petrus had een ontmoeting met Hem gehad. Jezus moest dus inderdaad zijn opgestaan, maar ze konden het nog geen plek geven in hun leven. De twee 'Emmaüsgangers' waren zojuist binnengekomen en beweerden dat ze langdurig met Jezus hadden gesproken.

"Terwijl ze nog aan het vertellen waren, kwam Jezus zelf in hun midden staan en zei: ‘Vrede zij met jullie.’ " (Lucas 24:36, NBV2004)

De gesloten deuren hadden Jezus niet tegen kunnen houden. Jezus had nu immers een 'verheerlijkt' lichaam, waarmee Hij niet gebonden was aan de aardse grenzen van tijd en ruimte. Jezus begroette zijn vrienden met: "Vrede zij u! (Shalom!)" Dat was de vertrouwde groet die ze talloze keren uit Jezus' mond hadden gehoord. Maar de discipelen schrokken zich wild toen ze Hem zagen. Was dit echt Jezus of keken ze naar een geestverschijning?"

"Verbijsterd en door angst overmand, meenden ze een geestverschijning te zien." (Lucas 24:37, NBV2004)

 

Lichamelijke opstanding

Jezus zag hun angst en vertwijfeling en ging hen er vervolgens van overtuigen dat Hij echt uit de dood was opgestaan en lichamelijk bij hen aanwezig was.

"Maar hij zei tegen hen: 'Waarom zijn jullie zo ontzet en waarom zijn jullie ten prooi aan twijfel? Kijk naar mijn handen en voeten, ik ben het zelf! Raak me aan en kijk goed, want een geest heeft geen vlees en beenderen zoals jullie zien dat ik heb.' Daarna toonde hij hun zijn handen en zijn voeten. Omdat ze het van vreugde nog niet konden geloven en stomverbaasd waren, vroeg hij hun: 'Hebben jullie hier iets te eten?' Ze gaven hem een stuk geroosterde vis. Hij nam het aan en at het voor hun ogen op." (Lucas 24:38-43, NBV2004)

Om alle aanwezigen nog duidelijker te overtuigen van zijn lichamelijke opstanding uit de dood, liet Jezus hen de littekens van de kruisiging zien en ze mochten die ook met hun handen betasten. Jezus at ook een hapje mee om hen ervan te overtuigen dat Hij geen geest was, maar een echt lichaam had.

"Hij zei tegen hen: ‘Toen ik nog bij jullie was, heb ik tegen jullie gezegd dat alles wat in de Wet van Mozes, bij de Profeten en in de Psalmen over mij geschreven staat in vervulling moest gaan.’ Daarop maakte hij hun verstand ontvankelijk voor het begrijpen van de Schriften." (Lucas 24:44-45, NBV2004)

Toen Jezus hen haarfijn had uitgelegd dat zijn lijden en sterven een belangrijk onderdeel van zijn aardse roeping was begon de werkelijkheid tot zijn vrienden door te dringen. En toen zagen ze het en wisten ze het zeker! Jezus was opgestaan uit de dood en Hij was weer bij hen, net als voorheen.

 

Discipelen geroepen tot apostelschap

Maar er was nog iets wat Jezus met zijn discipelen wilde bespreken, namelijk hun roeping om het evangelie van Gods koninkrijk aan de hele wereld te brengen. Daardoor zouden ze niet langer alleen maar discipelen van Jezus zijn. Ze werden bevorderd tot apostelen (= uitgezondenen) van Jezus.

"En Hij zei tegen hen: Ga heen in heel de wereld, predik het Evangelie aan alle schepselen." (Marcus 16:15, HSV2010)

"... Zoals de Vader Mij gezonden heeft, zend Ik ook u." (Johannes 20:21, HSV2010)

Zie meer daarover in onderwerp 'Uitzending van de apostelen' verderop in dit hoofdstuk.

 Volgend onderwerp:  3.11.8. Verschijning aan Tomas 

 

HELPDESK

 

Beschrijving van allerlei bijzonderheden over de Herschepping Bijbelstudies.

- Wat is Herschepping?
- Achtergrond
- Vier aspecten
- Wijzigingen
- Copyright
- Uitleg Herschepping site

 

 

 

 

Helpdesk

Zoekmogelijkheden
- Overzicht zoek­mogelijkheden
- Tips voor zoektermen
- Populaire zoektermen
- Inhoudsopgave (kort)
- Inhoudsopgave (lang)
- Trefwoord index
- Bijbeltekst index

 

 

 

Helpdesk

Diversen
- Geloofsvragen
- PDF bestanden downloaden
- Vragen voor Bijbelkringen
- Thema's voor Bijbelkringen
- Thema's kerkelijk jaar
- Cursus 'Gods karakter' (nieuw)

Herschepping Bijbelstudies - versie 3.3.