Start    Inhoud    Zoekmogelijkheden  

 

 

9.5.2. Herstel van Israël

 

- Herstel van Israël voorzegd
- Bevrijding en bekering van Israël
- Wedergeboorte van Israël
- Reünie
- Eerste opstanding van de Joden
- Eenwording van Israël en de messias

 

De Eeuwige van Israël zal zijn belofte aan zijn uitverkoren volk waarmaken.

 

Herstel van Israël voorzegd

Kort voor zijn hemelvaart had Jezus een gesprek met zijn apostelen over het herstel van Israël:

"Zij die bijeengekomen waren (=apostelen), vroegen hem: 'Heer, gaat u dan binnen afzienbare tijd het koningschap over Israël herstellen?' Hij antwoordde: 'Het is niet jullie zaak om te weten wat de Vader in zijn macht heeft vastgesteld over de tijd en het ogenblik waarop deze gebeurtenissen zullen plaatsvinden.' " (Handelingen 1:6-7, NBV2004)

Jezus zei niet: "Het herstel van Israël? Jongens, dat hebben jullie helemaal mis. Jullie moeten het geestelijk opvatten." Nee, Jezus zei alleen dat het herstel van Israël NOG niet aan de orde was en dat er voorlopig andere dingen belangrijk waren. Ze moesten zich eerst concentreren op de uitvoering van de Grote Opdracht om het evangelie over de hele aarde bekend te maken. Het herstel van Israël zou later plaatsvinden, aan het begin van het messiaanse vrederijk.

Als Jezus naar de aarde komt, zal Hij zijn volk Israël bevrijden van alle vijanden en maken tot het meest bevoorrechte volk op aarde. Gods eeuwige verbond met Abraham en later met het hele volk Israël, waarin Hij hen een eigen woonplek aan de Middellandse zee toebedeelde, zal dan op een volmaakte manier in vervulling gaan. De grenzen van het nieuwe beloofde land zullen waarschijnlijk zijn zoals beschreven in Genesis 15:18-21, Deuteronomium 11:24-25 en Jozua 1:2-6. Dat omvat een gebied dat vele malen groter is dan de huidige omvang van de staat Israël.

Direct volgend op de wederkomst van Jezus zal het volk Israël zich bekeren en Jezus van harte aanvaarden als hun messias. Alle Joden zullen terugkeren naar het land van hun voorouders: de vernieuwde Joodse staat Israël.

Zie meer hierover in onderwerp 'Eindtijd voor Israël' in hoofdstuk 'Wederkomst van Jezus'.

 

Bevrijding en bekering van Israël

In Zacharia 14:3-5 lezen we dat Israëls messias lichamelijk zal verschijnen op de Olijfberg. Dan zal Hij Israël als natie bevrijden van de militaire dreiging van alle volken die zich vijandig opstellen tegenover Jeruzalem.

"Daarna zal de HEER uittrekken en de strijd tegen die volken aanbinden, net als weleer. Die dag zal hij zijn voeten op de Olijfberg planten, ten oosten van Jeruzalem. De Olijfberg zal in tweeën splijten: de ene helft glijdt weg naar het noorden en de andere naar het zuiden, zodat er een breed dal ontstaat van oost naar west." (Zacharia 14:3-4, NBV2004)

De hele wereld zal zien op welke grandioze manier God zijn volk zal redden uit de handen van zijn vijanden.

"Hij zal alle volken laten zien hoe machtig hij is. Iedereen op aarde zal zien hoe God zijn volk bevrijdt." (Jesaja 52:10, BGT2012)

Opvallend is dat de messias op de Olijfberg zal verschijnen, dezelfde plaats vanwaar Jezus destijds naar de hemel was gegaan.

Israël zal haar messias met verbazing herkennen als de gekruisigde koning van de Joden:

"Ik zal over het huis van David en over de inwoners van Jeruzalem uitgieten de Geest der genade en der gebeden; zij zullen Hem aanschouwen, die zij doorstoken hebben, en over Hem een rouwklacht aanheffen als de rouwklacht over een enig kind ..." (Zacharia 12:10, NBG1951)

"Hij komt te midden van de wolken, en dan zal iedereen hem zien, ook degenen die hem doorstoken hebben. Alle volken op aarde zullen over hem weeklagen. Ja, amen." (Openbaring 1:7, NBV2004)

Deze herkenning zal heel dramatisch zijn, nog meer dan toen Jozef zich destijds bekend maakte aan zijn broers die hem lang geleden als slaaf verkocht hadden (Genesis 45).

 

Wedergeboorte van Israël

Israël zal zich dus bekeren tot God, door Jezus aan te nemen als de door God gezonden messias. God zal dan de Joden van harte zal vergeven om daarmee de relatie met zijn volk te herstellen:

"Op die dag zal er een bron ontspringen waarin de nakomelingen van David en de inwoners van Jeruzalem hun zonde en onreinheid kunnen afwassen." (Zacharia 13:1, NBV2004)

"... en in één enkele dag zal ik dit land reinigen van alle schuld." (Zacharia 3:9, NBV2004)

Die bron voor de vergeving van zonden zal ongetwijfeld te maken hebben met het kruis, waaraan Jezus gestorven is om de zonden van de hele wereld weg te nemen. Vervolgens zal God ook zijn Heilige Geest over het Joodse volk uitstorten:

"De Israëlieten zullen weten dat ik, de Heer, hun God ben. Niet alleen als ik hen in ballingschap stuur onder de volken, maar ook als ik hen weer bijeenbreng in hun eigen land zonder iemand achter te laten. Ik zal mijn geest over de Israëlieten uitstorten en hen nooit meer aan hun lot overlaten. Dit zeg ik, God, de Heer." (Ezechiël 39:28-29, GNB1996)

Deze woorden gaan over de terugkeer van het volk Israël na de ballingschap in Babylonië, de uitstorting van de Heilige Geest kort na Jezus' hemelvaart, maar ook aan de gebeurtenissen rondom Jezus' wederkomst. De principes van Gods handelen door de geschiedenis heen zien we dikwijls in verschillende vormen voorkomen. Alles wijst er op dat Israël als volk in korte tijd een complete geestelijke wedergeboorte zal meemaken. Daardoor zal het op een nieuwe manier naast de Gemeente komen te staan: Israël als het oude uitverkoren volk naast de Gemeente als het volk van uitverkorenen uit de volken.

"Dan zal heel Israël worden gered, zoals ook geschreven staat: 'De redder zal uit Sion komen, en wentelt dan de schuld af van Jakobs nageslacht." (Romeinen 11:26, NBV2004)

 

Reünie

Alle Joden, voor zover ze dan nog verspreid zullen zijn over de hele wereld, zullen dan terugkeren naar Israël en in hun eigen land wonen, zoals we in het hiervoor aangehaalde gedeelte uit Ezechiël al lazen. In het Bijbelboek Jesaja lezen we er ook over:

"... Ik haal je nakomelingen uit het oosten terug, uit het westen breng ik jullie bijeen." (Jesaja 43:5, NBV2004)

"... Hij brengt bijeen wie uit Israël verdreven waren, de vluchtelingen uit Juda brengt hij samen, van de vier uiteinden van de aarde." (Jesaja 11:12, NBV2004)

"Open je ogen, kijk om je heen: ze stromen in drommen naar je toe: je zonen komen van ver, je dochters worden op de heup gedragen." (Jesaja 60:4, NBV2004)

"... dan wordt u, kinderen van Israël, één voor één verzameld!" (Jesaja 27:12, WV2012)

"Wie door de HEER bevrijd zijn, keren terug. Jubelend komen zij naar Sion, gekroond met eeuwige vreugde. Gejuich en vreugde trekken de stad binnen, gejammer en verdriet vluchten eruit weg." (Jesaja 35:10, NBV2004)

Zoals zoveel profetieën, kunnen deze Bijbelgedeelten betrekking hebben op meerdere perioden in de geschiedenis. In dit geval kunnen die gaan over:

  • de wederkomst van de Israëlieten na de ballingschap (ongeveer 538-445 v.Chr.)
  • de gebeurtenissen rondom het herstel van de Joodse staat Israël (1948)
  • de gebeurtenissen rondom de wederkomst van messias Jezus

Veel Joden zijn gedurende de afgelopen 100 jaar al naar het land Israël gekomen. We kunnen dat zien als een inleiding tot deze gebeurtenis, maar de echte vervulling van de profetie moet nog komen. Na de wederkomst van de messias mogen we verwachten dat alle overige Joden vanuit alle delen van de wereld naar Israël zullen komen. Het zal een buitengewoon bijzondere reünie zijn van Gods volk. De eeuwenlange omzwervingen zullen dan eindelijk voorbij zijn.

De staat Israël zal worden hersteld en vanuit Jeruzalem zal Jezus daarna over de wereld regeren.

"Eens zal de dag komen dat de berg met de tempel van de HEER rotsvast zal staan, verheven boven de heuvels, hoger dan alle bergen. Alle volken zullen daar samenstromen, machtige naties zullen zeggen: 'Laten we optrekken naar de berg van de HEER, naar de tempel van Jakobs God. Hij zal ons onderrichten, ons de weg wijzen, en wij zullen zijn paden bewandelen.' Vanaf de Sion klinkt zijn onderricht, vanuit Jeruzalem spreekt de HEER. Hij zal rechtspreken tussen de volken ..." (Jesaja 2:2-4, NBV2004)

 

Eerste opstanding van de Joden

Toen Lazarus gestorven was, wist Marta dat haar broer eens uit de dood zou opstaan. Jezus ontkende dat niet, integendeel.

"Jezus zei: 'Je broer zal uit de dood opstaan.' 'Ja,' zei Marta, 'ik weet dat hij bij de opstanding op de laatste dag zal opstaan.' Maar Jezus zei: 'Ik ben de opstanding en het leven. Wie in mij gelooft zal leven, ook wanneer hij sterft, en ieder die leeft en in mij gelooft zal nooit sterven. Geloof je dat?' " (Johannes 11:23-26, NBV2004)

In dit gesprek benadrukte Jezus dat Hij zelf de bron was van levendmaking (in geestelijk EN lichamelijk opzicht).

In Matteüs 22:23-33 lezen we dat een paar Sadduceeën, vrijzinnige Joden die o.a. niet in de opstanding geloven, aan Jezus een strikvraag stelden om het idee van een opstanding belachelijk te maken. Jezus maakte aan alle toehoorders duidelijk dat de opstanding een toekomstig feit is:

"Hebt u niet gelezen wat God u over de opstanding van de doden heeft gezegd? Dit is wat hij zei: 'Ik ben de God van Abraham, de God van Isaak en de God van Jakob.' Hij is geen God van doden, maar van levenden." (Matteüs 22:31-32, NBV2004)

Op het eerste gezicht zijn deze woorden een beetje raadselachtig. Want de aartsvaders leefden toch verder in de hemel, dus waarom noemde Jezus hen dan 'doden'? Omdat de mens is geschapen om een lichaam te hebben, en niet om eeuwig als geest verder te leven. Dus dan MOET er gewoon een opstanding zijn.

In het Oude Testament staan duidelijke beloften over de opstanding van oudtestamentische gelovigen.

"De HEERE doodt en maakt levend, Hij doet in het graf neerdalen en Hij doet daaruit opkomen." (1 Samuel 2:6, HSV2010)

"Uw doden zullen leven - ook mijn dood lichaam - zij zullen opstaan. Ontwaak en juich, u die woont in het stof, want Uw dauw zal zijn als dauw op jong, fris groen en de aarde zal de gestorvenen baren." (Jesaja 26:19, HSV2010)

"Velen van hen die slapen in de aarde, in het stof, zullen ontwaken, sommigen om eeuwig te leven, anderen om voor eeuwig te worden veracht en verafschuwd." (Daniël 12:2, NBV2004)

God gaf de Ezechiël een visioen dat zowel betrekking kan hebben op het herstel van de staat Israël als op de lichamelijke opstanding van Joodse gelovigen. Hij schreef hiervan het volgende uitvoerige verslag op:

"De hand van de HEERE was op mij, en de HEERE bracht mij in de geest naar buiten en zette mij neer, midden in een vallei. Die lag vol beenderen. Hij deed mij er aan alle kanten omheen gaan. En zie, er lagen er zeer veel op de grond van de vallei, en zie, ze waren zeer dor.
Hij zei tegen mij: Mensenkind, zullen deze beenderen tot leven komen? En ik zei: Heere HEERE, Ú weet het! Toen zei Hij tegen mij: Profeteer tegen deze beenderen en zeg tegen hen: Dorre beenderen, hoor het woord van de HEERE. Zo zegt de Heere HEERE tegen deze beenderen: Zie, Ik ga geest in u brengen en u zult tot leven komen. Ik zal pezen op u leggen, vlees op u doen komen, een huid over u heen trekken, en geest in u geven, zodat u tot leven komt. Dan zult u weten dat Ik de HEERE ben.
Toen profeteerde ik zoals mij geboden was, en er ontstond een geluid zodra ik profeteerde, en zie, een gedruis! De beenderen kwamen bij elkaar, elk been bij het bijbehorende been. En ik zag, en zie, er kwamen pezen op, er kwam vlees op en Hij trok er een huid overheen, maar er was geen geest in hen. Hij zei tegen mij: Profeteer tegen de geest, profeteer, mensenkind! Zeg tegen de geest: Zo zegt de Heere HEERE: Geest, kom uit de vier windstreken en blaas in deze gedoden, zodat zij tot leven komen. Ik profeteerde zoals Hij mij geboden had. Toen kwam de geest in hen en zij kwamen tot leven. Zij gingen op hun voeten staan, een zeer, zeer groot leger.
Toen zei Hij tegen mij: Mensenkind, deze beenderen zijn heel het huis van Israël. Zie, ze zeggen: Onze beenderen zijn verdord en onze hoop is vergaan, wij zijn afgesneden! Profeteer daarom, en zeg tegen hen: Zo zegt de Heere HEERE: Zie, Ik zal uw graven openen en Ik zal u uit uw graven doen oprijzen, Mijn volk, en Ik zal u brengen in het land van Israël. Dan zult u weten dat Ik de HEERE ben, als Ik uw graven open en als Ik u uit uw graven doe oprijzen, Mijn volk. Ik zal Mijn Geest in u geven, u zult tot leven komen en Ik zal u in uw land zetten. Dan zult u weten dat Ík, de HEERE, dit gesproken en gedaan heb, spreekt de HEERE." (Ezechiël 37:1-14, HSV2010)

Ook in dit visioen kunnen we meerdere fasen van herstel zien: de terugkeer van het volk Israël uit ballingschap, stichting van de Joodse staat Israël in 1948, het herstel van Israël na de komst van de Messias en de eerste opstanding.

 

Eenwording van Israël en de messias

Zo zal messias Jezus verenigd worden met zijn uitverkoren volk, waarmee God duizenden jaren geleden een eeuwig verbond had gesloten. Israël is Gods eerstgeborene (Exodus 4:22) waarmee God altijd een bijzondere band heeft gehad en zal hebben. God heeft Israël eeuwig lief.

"... Met eeuwige liefde heb Ik u liefgehad ..." (Jeremia 31:3, HSV2010)

God zal zijn liefde voor zijn volk duidelijk maken door het terug te brengen naar haar eigen land. Eindelijk, na al die eeuwen, verbinden Israël en de beloofde messias zich met elkaar als een Bruidegom en zijn Bruid. De profeet Hosea heeft dit eeuwen geleden voorzegd:

"Ik zal u Mij tot bruid verwerven voor eeuwig …" (Hosea 2:18, NBG1951).

Zie ook onderwerp 'Bruid van Jezus' in hoofdstuk 'Eindtijd'.

 Volgend onderwerp: 9.5.3. Messiaans koningschap 

HELPDESK

 

Beschrijving van allerlei bijzonderheden over de Herschepping Bijbelstudies.

- Wat is Herschepping?
- Achtergrond
- Vier aspecten
- Wijzigingen
- Copyright

 

 

 

 

Helpdesk

Zoekmogelijkheden
- Overzicht zoek­mogelijkheden
- Tips voor zoektermen
- Populaire zoektermen
- Inhoudsopgave (kort)
- Inhoudsopgave (lang)
- Trefwoord index
- Bijbeltekst index

 

 

 

Helpdesk

Diversen
- PDF bestanden
- Vragen voor Bijbelkringen
- Thema's voor Bijbelkringen
- Thema's kerkelijk jaar

Herschepping Bijbelstudies - versie 3.1.